Camera’s op de bouwplaats: wat mag wel en niet volgens de AVG?
Steeds meer aannemers filmen hun bouwplaats, met een 360-camera voor documentatie, met een drone voor voortgang, of gewoon met een vaste camera voor veiligheid. Handig, maar wie mensen filmt, verwerkt persoonsgegevens. En de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) liet deze winter zien dat ze daar serieus naar kijkt.
Wat er recent speelde: de AP en Arriva
Eind januari 2026 maakte de AP bekend dat vervoerder Arriva zijn cameratoezicht moest aanpassen. Chauffeurs stonden continu in beeld op hun vaste werkplek, de cabine. De AP stelde daarbij een harde lijn: permanent cameratoezicht op de vaste werkplek van een werknemer is niet toegestaan, ook niet als de beelden alleen achteraf worden bekeken. AP-vicevoorzitter Monique Verdier verwoordde het zo: cameratoezicht mag nooit een verkapt middel zijn om werknemers te volgen of te beoordelen. Arriva paste de camera’s technisch aan zodat chauffeurs niet meer standaard in beeld staan, scherpte de interne protocollen aan en gaf medewerkers duidelijkere instructies.
Dit ging over het openbaar vervoer, maar het principe raakt elke werkgever die met camera’s werkt, de bouw inbegrepen. En de AP en vakbond CNV meldden begin dit jaar dat ze samen al meer dan 145 meldingen over cameratoezicht op de werkvloer hadden ontvangen, een aantal dat al jaren oploopt.
Waarom dit relevant is voor jouw bouwplaats
Een 360-opname voor bouwdocumentatie is geen permanente bewakingscamera, maar het onderliggende principe uit de AVG verandert niet: zodra een gezicht, kenteken of naambordje herkenbaar in beeld komt, is dat een persoonsgegeven. Dat geldt voor je eigen mensen, voor onderaannemers en voor toevallige bezoekers op de bouwplaats.
Drie vragen die de AVG je dan stelt:
- Is het noodzakelijk? Documentatie van de bouwfase is een helder, legitiem doel. Camera’s gebruiken om te checken hoe hard iemand werkt, is dat niet.
- Is het proportioneel? Een korte opnameronde op het moment dat het zinvol is, weegt anders dan een camera die de hele dag draait.
- Weten de betrokkenen ervan? Personeel en onderaannemers mogen niet voor een voldongen feit komen te staan. Een simpele mededeling (wat je vastlegt, waarom, en hoe lang je het bewaart) voorkomt al veel discussie en klachten.
Wat je nu al kunt doen, met of zonder speciale software
Je hoeft niet te wachten op de perfecte tool om dit op orde te hebben.
- Leg het doel vast in een paar zinnen: documentatie van de bouwfase, bewijs bij meerwerk, voortgang delen met de opdrachtgever. Niet: personeel beoordelen.
- Vertel het je team en je onderaannemers voordat je begint met filmen, bijvoorbeeld via de werkinstructie of het introductiegesprek.
- Beperk wie bij de beelden kan. Hoe minder mensen toegang hebben, hoe kleiner het risico.
- Bewaar beelden niet langer dan nodig voor het doel waarvoor je ze vastlegt, en leg die bewaartermijn ergens vast.
- Overweeg herkenbare personen en kentekens onherkenbaar te maken voordat beelden het bedrijf verlaten, bijvoorbeeld richting een opdrachtgever.
Bij Copy Vision werken we aan automatisch blurren van gezichten en kentekens in de opnames, als vaste stap in de verwerking. Die functie is nog in ontwikkeling en nog niet live, maar het idee is simpel: documentatie die vanzelf AVG-proof is, in plaats van een lijstje met goede bedoelingen. Tot die tijd geldt voor elke aannemer, met of zonder zo’n tool: weet wat je vastlegt, vertel het aan de mensen die je filmt, en bewaar niet meer dan nodig.
Bronnen: NOS (Buschauffeurs mogen niet permanent in beeld worden gebracht, https://nos.nl/l/2600009) – NJB (AP: chauffeurs in openbaar vervoer mogen niet permanent in beeld, https://www.njb.nl/nieuws/ap-chauffeurs-in-openbaar-vervoer-mogen-niet-permanent-in-beeld/) – Boels Zanders (Cameratoezicht op de werkvloer: vijf aandachtspunten, https://bz.nl/updates/cameratoezicht-op-de-werkvloer-vijf-aandachtspunten/) – Autoriteit Persoonsgegevens (Cameratoezicht op de werkvloer, themapagina)